< Terug naar overzicht

Onze huurders zijn volwaardige partners

JOHN (1) 5 augustus 2013 - Directeur-bestuurder John Hendriks over het beleid van de corporatie, de uitgezette koers en de kracht van samenwerking. ‘We willen een betrouwbare partner zijn en blijven.’

Welke invloed hebben de gewijzigde omstandigheden op de samenwerking met partners?
In de driehoek overheid, markt en maatschappij zien wij nu twee bewegingen die elkaar versterken: de overheid die zich terugtrekt en die tegelijk een beroep doet op het zelfoplossend vermogen van burgers. Belangrijke drijfveren daarbij zijn de enorme bezuinigingen op de overheidsuitgaven. Burgers moeten dus zelf aan de bak door zichzelf als eerste verantwoordelijk te maken voor het welzijn van zichzelf en van anderen. Tegelijk moeten corporaties rekening houden met verdere inperking van het werkterrein, met het niet langer mogen verrichten van risicodragende activiteiten met staatssteun (borging), met een schaalniveau wat meer aansluit met de omvang van onze maatschappelijke taak in bepaalde woningmarktregio(‘s).  De vraag is niet langer of maar enkel nog op welke wijze en wanneer een veel kleinere corporatiesector pas op de plaats heeft gemaakt. Corporaties staan in die beweging niet alleen maar bevinden zich in goed gezelschap met andere maatschappelijke organisaties die een soortgelijke beweging ervaren. Op dit moment zitten we als organisatie te dicht tegen de markt aan en naar verwachting bewegen we meer richting gemeenschap. Alleen al om die reden wordt samenwerken steeds belangrijker.’

Waarom is een goede samenwerking essentieel?
‘We kunnen het simpelweg niet alleen, zijn afhankelijk van anderen. Naar mijn overtuiging moeten we op de as markt – overheid niet te snel terugschuiven richting het publiek domein (overheid) maar juist de gemeenschap weer centraal stellen. Dit betekent concreet dat bij alle activiteiten er wordt samengewerkt en dat we zoveel mogelijk verantwoordelijkheid teruggeven aan burgers, en aan de gemeenschap.

Zo kijken we samen met welzijnspartijen hoe mensen langer thuis kunnen blijven wonen. Onze omgeving verandert, dus moeten wij open staan voor nieuwe mogelijkheden. Wij willen wendbaar en flexibel zijn. Juist nu. Om problemen het hoofd te bieden en kansen te benutten, hebben we meer dan ooit de samenwerking met andere partijen nodig. Met elkaar zijn we er voor die mensen die het financieel niet breed hebben of om andere redenen een steuntje in de rug verdienen. Dat is en blijft onze ultieme doelstelling. Onze missie.’

Toch verandert de manier van werken. In welk opzicht?
‘De standpunten die we innemen, zijn scherper. Zo zijn wij er niet zozeer voor de huishoudens die meer dan 43.000 euro per jaar verdienen, maar moeten onze volle aandacht richten op de lagere inkomens. Verder komt een grotere verantwoordelijkheid bij de eindgebruiker te liggen. We moeten onze huurders zeker niet te veel pamperen en hen willen zien onze bewoners als volwaardige partners. Ze weten vaak goed wat ze willen. We zijn een betrouwbare, maatschappelijke partner, maar gaan ervan uit dat niet iedereen afhankelijk van ons is.’

Wooncompagnie wil de betrokkenheid met relaties en bewoners versterken. Waarom?
‘In de eerste plaats om onze legitimatie handen en voeten te geven. Vooral onze huurders, gemeenten en samenwerkingspartners kunnen ons immers beoordelen. Daarnaast is het belangrijk dat we informatie krijgen, horen waar behoefte aan is. Want die betrokkenheid is wederkerig; wij willen ook graag weten waar anderen mee bezig zijn. Op die manier kunnen wij iets voor elkaar betekenen. Dit alles doen we vanuit wederzijds respect en volledige  transparantie. En dat vraagt onderling vertrouwen.’

Hoe zet Wooncompagnie zich in voor aangenaam wonen op het Noord-Hollandse platteland?
‘Aangenaam wonen is je ergens thuis voelen. Je prettig voelen in je woning, straat en buurt. Wij zorgen voor een woningaanbod van goede kwaliteit met een daarbij behorende ‘faire’ huurprijs. En kunnen de gemeenschap sterker maken door een bijdrage aan bijvoorbeeld een buurthuis. Maar er ligt zeker ook een bepaalde verantwoordelijkheid bij bewoners. Het platteland heeft in elk geval veel potentie. We komen op voor de belangen van onze huurders en zijn alert dat er juiste, weloverwogen keuzes worden gemaakt. Keuzes die bewoners het gevoel geven: ik ga graag naar huis. Want daar gaat het uiteindelijk om.’